Voeding

Special over voeding, interview met professor Beynen

De voeding van uw hond
Aan de hand van vragen hadden wij een gesprek met Prof. Dr. Ir. A.C. Beynen.
Prof. Beynen is gespecialiseerd in de veterinaire diervoeding aan de faculteit Diergeneeskunde.


Vraag: Wat moet er in voer voor normaal bewegende honden zitten?
Waar moeten we op letten; er is veel verschil in merken, maar is er ook veel verschil in het voer?

Antwoord: Diervoeders moeten voldoen aan de diervoederwetgeving. Dat houdt in dat alle diervoeders moeten voldoen aan de eisen die voor alle dieren van die soort gelden.

Volledig, of wel compleet voer (zonder verdere aanduiding) moet gevoerd kunnen worden aan alle honden, van pup tot volwassen hond. Er moeten dus voldoende voedingsstoffen inzitten voor een jonge opgroeiende hond. De fabrikant heeft wat dat betreft niet veel ruimte, als het voer een tekort aan voedingsstoffen heeft, zal het vanzelf uit de markt verdwijnen.

Voor wat betreft premium en superpremium voeders: grondstoffen kunnen duurder zijn en beter verteerbaar. Voor wat betreft de voeding voor de volwassen hond geldt: "de hond vertelt je meer over het voer dan het voer zelf". Eisen die aan de voeding gesteld worden:

- de hond moet het willen eten

- het moet voorzien in de behoefte aan voedingsstoffen (dat doet het omdat het moet voldoen aan de wet op de diervoeders).

Aan voer voor honden die grote inspanningen moeten leveren, bijvoorbeeld sledehonden of windhonden die meedoen aan rennen, worden speciale eisen gesteld.


Vraag: Er wordt bij veel merken voeding onderscheid gemaakt tussen junior-, volwassen-, puppy- en seniorvoer. Waarom wordt dat onderscheid gemaakt?

Antwoord: Die vraag is eigenlijk al beantwoord. Elk volledig voer is geschikt voor pups. De heer Beynen is van mening dat alle leeftijdscategorieën met hetzelfde voer gevoerd kunnen worden. Alle voedingsstoffen zijn in compleet voer aanwezig. Er zijn geen concrete aanwijzingen dat seniorvoer nodig is, waarbij wel opgemerkt moet worden dat teveel eiwit belastend zou kunnen zijn voor de oudere hond en de fosforbehoefte is minder.

[redaktie website: In de informatiegids van onze vereniging wordt in de tabel op bladzijde 15 aangegeven dat op volwassen voer overgeschakeld mag worden tussen 10 maanden en een jaar. De nestbezoekers zullen u adviseren om reeds na 6 maanden over te schakelen. Dit na overleg in mei 2002 met dierenarts H. van Wezelenburg verbonden aan onze vereniging.]


Vraag: Moeten we altijd hetzelfde merk voer blijven geven, wat doet eigenlijk het regelmatig wisselen van voer, is dat aan te raden?

Antwoord: Let op uw hond! Als de huid, activiteit, ontlasting en acceptatie goed zijn, is er geen probleem. Wil je variëren dan is daar niets op tegen. Bij allergieën of jeukproblemen moet men iets anders proberen, soms is het dan het beste om zelf een dieet samen te stellen.

Merkt men dat de hond een doffe vacht krijgt of een droge huid, voeg dan maiskiemolie of lijnzaad toe.

Bij honden met een voedselallergie doet men er goed aan, verschillende voeders uit te proberen. Men kan beginnen enige weken met lam en rijst te voeren, verdwijnen de verschijnselen dan kunt u daarna weer terug naar het oude voer. Zo is het mogelijk om te constateren of de allergie door het voer veroorzaakt wordt. Reageert de hond weer met een allergische reactie dan moet u een ander voer proberen.


Vraag: Maakt het verschil of je brokken geeft of diner, of is het meer de eigenaar die de afwisseling wenst?

Antwoord: dat is aan de eigenaar, het maakt geen verschil. Weer geldt hier de acceptatie van de hond.


Vraag: Is het slecht om de honden de restanten van ons eten te voeren? Vroeger aten de honden met de pot mee, het lijkt wel of de honden vroeger veel ouder werden, hoe kan dat?

Antwoord: Mee-eten met wat de pot schaft is geen probleem voor een volwassen hond, als men maar zorgt dat de hond tenminste voor de helft van de dagelijkse behoefte wordt gevoerd met volledig commercieel voer. De rest kan bestaan uit brood, rijst, pens, etc. Een volwassen hond heeft namelijk de helft van de hoeveelheid aan voedingsstoffen nodig dan voor pups benodigd is.


Vraag: Sommige honden eten stront van soortgenoten of mest, maar ook gras en aarde. Waarom doen ze dat en komen ze bepaalde voedingsstoffen te kort?

Antwoord: Als gevoerd wordt met een compleet voer kan er geen voedingstekort zijn. Veelal moet het gezocht worden in de hoek van gedragsproblematiek: aandacht trekken of verveling.

Of: "het is gewoon lekker…!"


Vraag: Bij veel artikelen over het beenderstelsel wordt gesteld dat voeding een heel belangrijke rol speelt in de opbouw van het skelet. Dat het dus niet alleen erfelijk bepaald is, of een hond bijvoorbeeld HD krijgt. Hoe moeten wij dat zien, waar moeten we op letten?

Antwoord: Bij HD speelt de erfelijkheid een belangrijke rol. Wanneer echter de hond aanleg heeft voor HD geldt: hoe sneller een jonge hond groeit en hoe zwaarder hij wordt, hoe groter de kans op HD wordt. Bij een hond met een genetische aanleg voor heupproblemen is het belangrijk schraal te voeren, zodat het beendergestel niet onnodig belast wordt.

Een overdaad aan Calcium kan een rol spelen bij het manifesteren van kreupelheid, maar dat geldt vooral bij de echt grote rassen zoals de Deense Dog!! Als jonge honden van grote rassen te veel Calcium krijgen ontstaan er skeletstofwisselingsstoornissen.


Vraag: Drachtige teven: is het nodig om drachtige teven high energy voer te geven, of is gewoon wat extra voer ook prima?

Antwoord: Een drachtige teef heeft weinig extra’s nodig. Pas in de laatste twee weken voor de partus kan men haar onbeperkt laten eten. Een gezond dier zal dan voldoende voedingsstoffen op kunnen nemen.


Vraag: Wat kunnen we doen als de drachtige teef niet wil eten? Je bent geneigd om haar dan te verwennen en allerlei lekkers te voeren. Of extra zaken over de brokken te gooien om het eten aantrekkelijk te maken?

Antwoord: Als de teef daardoor wel wil eten is dat prima! Extra energie-opname is echter alleen van belang voor de lacterende teef.


Vraag: Wat betreft het voeren van pups: Sommige fokkers beginnen, als de pups 3 weken zijn, met het bijvoeren van pap, anderen geven gelijk brokken. Waar doet met goed aan en waarom? Is 3 weken een goede leeftijd om met bijvoeren te beginnen?

Antwoord: Vanaf drie weken kan bijgevoerd worden. Geen pap voeren, dat is nergens voor nodig. Het is relatief arm aan eiwit en vet. Bovendien kan het ook bacteriologische problemen geven. Je moet de pup voorbereiden op wat hij gaat eten als volwassen hond en dat zijn brokken. Het beste is om brokjes te geven, eventueel geweekt in water. Echter ook in geweekte brokken zullen bacteriën groeien. Denk er wel om, om vers water aan te bieden als met droge brokjes begonnen wordt. Als de teef te mager wordt, meer bijvoeren.


Vraag: Puppy diarree, hoe voorkom je dat, wat is de oorzaak?

Antwoord: daar is niets aan te doen. Als de pups verder gezond zijn, zal dit vanzelf over gaan.

Bij volwassen honden heb je dunne darmdiarree en dikke darmdiarree. Dunne darm diarree uit zich in "spuitenpoep". Wanneer het probleem chronisch is, kunt u het beste lamshart met gekookte rijst voeren of magere gekookte vis met rijst geven. Dikke darm problemen uiten zich in vaak moeten poepen terwijl er weinig ontlasting komt: extra ruwe celstof geven in de voeding (zemelen) kan een oplossing zijn.


Vraag: Wat kunnen we meegeven aan een nieuwe eigenaar: een grote of kleine verpakking voer? Is het voor pups goed het eerste half jaar op dezelfde voeding te blijven als in het nest, of is het beter voedsel af te wisselen voor een optimale opname? Moet men wisseling van voer van de ene dag op de andere overschakelen of eerst mengen?

Antwoord: Het is goed te verdedigen om de pup bij zijn nieuwe baas hetzelfde te laten eten als bij de fokker. De pup moet tenslotte al vele veranderingen ondergaan. Wat betreft het wisselen van voer, dat is hond afhankelijk. Sommigen kunnen van de ene op de andere dag overgaan op ander voer, bij anderen die gevoeliger zijn op de darmen, kan men beter geleidelijk overgaan op ander voer.


Vraag: Is het zo dat als een pup te lang puppyvoer of juniorvoer krijgt, het te hard groeit en meer kans heeft op skeletafwijkingen?

Antwoord: De samenstelling van het puppyvoer heeft daar geen invloed op. Puppyvoer heeft meer energiewaarde, daarom is het verstandig om de hond als hij een half jaar oud is, te laten overschakelen naar voer voor volwassen honden. Belangrijk is dat de hond niet te hard groeit!. De kunst van het voeren van dieren is om het op het oog te doen, niet door te wegen en te rekenen. Een jonge, schrale hond heeft een betere levensverwachting dan een te dikke hond.


Vraag: Sommige pups krijgen extra supplementen toegevoegd over het voer zoals vitamine C ? Wat zijn de voor- en nadelen van toevoegingen?

Antwoord: Het toevoegen van supplementen is overbodig. Aan compleet voer hebben ze voldoende.


Vraag: Soms verschijnen er alarmerende berichten over antioxydanten zoals ethoxyquine, (rattengif, verdelgingsmiddel) BHA en BHT in voer, gebruikt om de vetten niet ranzig te laten worden. Wat doen antioxydanten, zijn ze nodig, zijn er alternatieven? Is er iets bekend over E-nummers zoals b.v. bij de ADHD kinderen.Of over de invloed van antioxydanten op de voortplanting en huid- en vachtklachten?

Antwoord: Er zijn richtlijnen en regels voor deze toevoegingen. Er zijn geen nadelen bekend bij BHA en BHT. Ethoxyquine heeft bij proeven leveraandoeningen veroorzaakt bij enkele honden. Het wordt nog maar weinig gebruikt. Het is echter een goedkope grondstof en zeer effectief. Deze stof is in humane voeding niet toegestaan. Wat E-nummers in voeding doen voor wat betreft het gedrag: daar is niets over bekend.


Vraag: Veel voeders zijn gemaakt van runder- en of schapenafval, is er enige mogelijkheid dat onze honden BSE kunnen krijgen? Kunnen mergpijpjes kwaad? Als lekkernij kun je gerookte varkens klauwtjes kopen, is er kans op dat de honden zo Aujeszky kunnen krijgen?

Antwoord: BSE bij honden is nooit geconstateerd, we weten niet of het voor kan komen. Mergpijpjes kunnen geen kwaad. Rauw varkensvlees is niet verstandig om te geven, maar gerookte lekkernijen kunnen geen kwaad.


Vraag: Op het internet stond een site waarin het voeren van BARF gepropageerd werd.
BARF staat voor botten en allerlei afval, waardoor de honden voer zouden kunnen krijgen wat dichter bij hun natuur staat. Hoe staat u daar tegenover?

Antwoord: Het belangrijkste is: wil de hond het eten. Als er bovendien voldoende voedingsstoffen in zitten, is het prima.

Vegetarisch voeren is ook een mogelijkheid, dit vergt wel een zorgvuldige samenstelling. Er is ook commercieel vegetarisch voer op de markt, deze moet weer aan de wet op de diervoeders voldoen, dus daar zitten voldoende voedingsstoffen in.


Een stuk wijzer geworden dankten we Prof. Beynen voor de gelegenheid ons geboden.

Eerder verschenen in OnzeDrent 36e jaargang nr 2 april 2001